Strafrechtadvocaat Groningen

Ie-es-dee

Hoewel ik in de rechtszaal al jaren als advocaat strijd tegen de oplegging van de ISD-maatregel, heb ik tot dusverre de verleiding kunnen weerstaan daarover in deze column te schrijven. De zaak van Mark heeft mij van gedachten doen veranderen.

Wellicht moet ik u eerst iets uitleggen over deze maatregel. De ISD-maatregel bestaat sinds 2004 en kan worden opgelegd aan veelplegers. Het gaat dan veelal om verslaafden die in hun levensonderhoud en drugsgebruik voorzien door het plegen van strafbare feiten. Voorheen kregen deze draaideurcriminelen vaak korte straffen opgelegd voor de door hen gepleegde feiten. De overlast was echter groot, doordat ze – eenmaal op vrije voeten – vaak direct weer nieuwe strafbare feiten pleegden. Hiervoor meende de wetgever een oplossing te hebben: de maatregel van plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD). De gedachte achter de maatregel is dat de veelpleger gedurende 2 jaar wordt opgesloten en dat die periode vervolgens wordt gebruikt om een gedragsverandering teweeg te brengen. Het mes zou op die manier snijden aan twee kanten; de veelpleger was twee jaar van de straat en als hij vrij zou komen, was van hem een beter mens gemaakt. Op zich een mooie gedachte, toch?

Toch wordt deze maatregel gevreesd onder veelplegers. Ze worden immers voor een relatief klein vergrijp voor jaren opgeborgen. Voorheen deed een fietsendiefstal, zelfs voor een doorgewinterde veelpleger, nooit veel meer dan een maand gevangenisstraf en nu maar liefst twee jaar. De schrik zit er dus goed in. De zucht naar drugs doet de schrik echter vaak al snel vergeten.

Mark was ook zo’n veelpleger. Al jaren teisterde hij de binnenstad van Groningen met zijn kleine criminaliteit, die met name bestond uit winkeldiefstallen en fietsendiefstallen. Toen Mark opnieuw een fiets had gestolen, was de maat vol vond de officier van justitie. Op de zitting die volgde werd de ISD-maatregel geëist en ook door de rechtbank opgelegd. Mark was het er niet mee eens en stelde hoger beroep in. Ook het hoger beroep eindigde voor Mark weinig fortuinlijk. Hij kreeg ook van het gerechtshof de ISD-maatregel opgelegd. Nog altijd liet Mark het er niet bij zitten en stelde cassatie in bij de Hoge Raad.

Uiteindelijk deed de Hoge Raad twee jaar nadat Mark was aangehouden uitspraak. Mark had gelijk. De beslissing van het hof was onvoldoende gemotiveerd. Het hof had namelijk verzuimd om alle wettelijk voorwaarden, die nodig zijn om de ISD-maatregel te kunnen opleggen, te controleren. Het hof moest daarom zijn huiswerk overdoen, aldus de Hoge Raad, en alle voorwaarden opnieuw controleren. Dat gebeurde vervolgens, hetgeen er in resulteerde dat Mark uiteindelijk ruim twee jaar na het stelen van de fiets alsnog de ISD-maatregel kreeg opgelegd. Deze keer was het huiswerk wel voldoende.

Voor Mark was het een bittere pil. Hij had namelijk gedurende de gehele procedure in voorlopige hechtenis gezeten. Omdat de ISD-maatregel geen straf is maar een maatregel werd de voorlopige hechtenis niet in mindering gebracht. Per saldo zit Mark dus meer dan 4 jaar vast voor die ene fietsendiefstal. Ter vergelijking: iemand die voor bijvoorbeeld doodslag 6 jaar gevangenisstraf krijgt, zit met de regeling van de voorwaardelijke invrijheidsstelling ook 4 jaar vast. Wat Mark met name onverteerbaar vindt is dat hij van de hoogste rechter in Nederland gelijk heeft gekregen met zijn klacht over de motivering. Hij heeft dus terecht gebruik gemaakt van het cassatieberoep. Desondanks zit hij twee jaar langer vast dan wanneer hij direct de uitspraak van de rechtbank zou hebben geaccepteerd. Ik begrijp hem wel. Maar dit is dus recht…..of krom?