Strafrechtadvocaat Groningen

Oslo

Normaal gesproken doe je als strafrechtadvocaat je werkzaamheden overdag. Natuurlijk gaat er ook wel eens een dossier mee naar huis om ’s avonds nog door te nemen. Het komt sporadisch ook voor dat we op reis moeten naar het buitenland. In de afgelopen jaren waren dat reizen naar Bratislava, Praag en Riga. Binnenkort nog naar Wroclaw. Dat is dan om getuigen te horen die daar verblijven, maar ook dan wordt alleen overdag gewerkt en is er ’s avonds tijd voor ontspanning. Slechts éénmaal maakte ik mee op zaterdagnacht tot 1.00 uur te moeten werken. Dat was in de zaak van de Antilliaan Ronaldo.

Ronaldo werd verdacht van een poging doodslag. Hij zou op straat een man hebben gestompt en hem hebben geslagen met een broeksriem. De man was vervolgens op de grond terecht gekomen. Een getuige verklaarde: “Ik zag dat de dader vervolgens een aanloop nam, en met beide benen op het hoofd van het slachtoffer terecht kwam”. Kortom een hele nare zaak, waar Ronaldo geruime tijd voor achter de deur zou kunnen verdwijnen.

Ronaldo werd enige tijd later aangehouden. Uit de getuigenverklaringen in het dossier viel direct op dat niet iedereen hetzelfde had gezien. Zo verklaarde de getuige die al 112-bellend verslag deed: “Het is een blanke man, zeker niet negroďde”. Andere getuigen hadden het over een man van Turkse afkomst, weer een andere over een Antilliaanse/Surinaamse uiterlijk. Een vat vol tegenstrijdigheden dus. Het slachtoffer verklaarde aanvankelijk te zijn aangevallen door een hem onbekende man. Vreemd genoeg verklaarde hij enige tijd later de man wel te kennen, het was Ronaldo met wie hij enige weken daarvoor ruzie had gehad. Daarmee zat Ronaldo dus in een benarde positie.

In overleg met Ronaldo heb ik uiteindelijk de rechtbank verzocht een Oslo-confrontatie te houden, of zoals het officieel heet: een meervoudige confrontatie in persoon. Het verzoek werd toegewezen. Hoewel we een dergelijk confrontatie misschien wel dagelijks ergens op de televisie kunnen zien in een of ander Amerikaanse serie, wordt deze methode in Nederland zelden toegepast. Het is namelijk nogal kostbaar. Wat ik mij toen niet realiseerde, en de rechtbank waarschijnlijk ook niet, is dat een Oslo-confrontatie heel wat voeten in de aarde heeft in verband met de organisatie. Vandaar ook de hoge kosten (€ 10.000 - € 20.000).

Uiteindelijk kwam het er op neer dat ik op zaterdagavond omstreeks 21.00 uur naar Leeuwarden reed om daar de voorbereidingen en de confrontatie bij te wonen. De confrontatie vond uiteindelijk ’s nachts om circa 0.30 uur plaats. Wat mij nog het meest is bij gebleven van dit nachtelijk avontuur, is dat ik vlak voor de confrontatie zelf ook de opstelling mocht bekijken. De hulpofficier van justitie die vlak voor mij door de confrontatiespiegel keek zei: “Het lijkt wel een achtling, zoveel lijken ze op elkaar”. Ook ikzelf moest enige tellen goed kijken voor ik zag waar Ronaldo stond. De ruimte was slechts spaarzaam verlicht met gelige straatverlichting. De figuranten en Ronaldo waren identiek gekleed conform het door de getuige opgegeven signalement. Zelfs aan de haardracht was gedacht. De omstandigheden van de plaats delict waren werkelijk perfect nagebootst.

In een aangrenzende ruimte kon ik vervolgens via een videoverbinding de confrontatie volgen. De spanning steeg toen de getuige persoon 3 aanwees als dader. “Dat is dus duidelijk”, zei de officier van justitie. Waarop ik antwoordde: “Inderdaad, want mijn cliënt staat niet op 3”. Het werd stil en hij keek mij verbouwereerd aan. Mijn suggestie om dan de aangewezen figurant maar aan te houden werd beantwoord met een blik als van een boer die kiespijn heeft.Eenmaal bijgekomen van de nachtelijke ontberingen liet de officier van justitie maandagochtend Ronaldo direct vrij. Zes weken later werd hij vrijgesproken door de rechtbank.

Oslo bij nacht een ervaring apart.