Strafrechtadvocaat Groningen

Lieve schat

Hannah was de veertig inmiddels ruim gepasseerd. Vroeger had ze een goede opleiding , dito baan, een man en een kind. Toch had de zonnige kant van het leven haar ergens onderweg flink in de steek gelaten. Hannah raakte dakloos, verslaafd aan drank en verstrikt in persoonlijkheidsstoornissen. Het resultaat: een justitiële documentatie van vijftien pagina’s in slechts acht jaar tijd. Daarop stonden veel werkstraffen, geldboetes en voorwaardelijke straffen.

U kunt zich wellicht voorstellen dat haar toekomst er niet bepaald rooskleurig uitzag, toen ze opnieuw met twee dagvaardingen voor in totaal zeven misdrijven op de stoep stond. Zeker niet als ik u daarbij vertel dat ze nog in een proeftijd liep van een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden. Het ergste van alles was, dat ze eigenlijk niet mee wilde gaan naar de zitting uit vrees voor wat haar stond te wachten. Gelukkig wist ik haar in een stevig gesprek er van te overtuigen dat ze wel mee moest gaan naar de zitting.

Eenmaal in de zittingszaal zal ze mij misschien – ondanks haar geloof – wel vervloekt hebben omdat de publieke tribune vol bleek te zitten met studenten. Op een dergelijke aandacht zit doorgaans niemand te wachten die moet voorkomen, Toch deed ze haar verhaal, waarbij ze de mannelijke politierechter steevast aansprak met “Lieve schat”, om vervolgens snotterend haar verhaal te doen. Dat was zoals gezegd niet vrolijk. Het was er één met vooral in de laatste jaren vele dieptepunten. Het laatste dieptepunt was dat ze na een verblijf van enige maanden was weggelopen uit een GGZ instelling voor evangelische hulpverlening en thans weer dakloos was. Toch gloorde er ook hoop, ze kon er op korte termijn wel weer terecht.

Mijn indringende advies aan Hannah om naar de zitting te komen bleek een gouden greep. De officier van justitie had goed en aandachtig geluisterd en vorderde een geheel voorwaardelijke straf. Verder vroeg hij de eerder opgelegde voorwaardelijke straf niet ten uitvoer te leggen. Hij motiveerde dit als volgt: “Een gezicht zegt meer dan 1000 woorden. Uw aanwezigheid hier vertelt meer dan een reclasseringsrapport van vijftien pagina’s zou doen. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf acht ik niet opportuun”.

De politierechter was het daarmee eens en legde een voorwaardelijke straf op. Toen hij klaar was met de uitspraak onderbrak Hannah hem: “Kunt u mij misschien ook nog verplichten om me weer te laten opnemen in een kliniek?” Het was even heel stil in de zaal. Het was ook geen alledaagse vraag voor een verdachte. De rechter was ook zichtbaar overrompeld door de directheid waarmee ze het verzoek deed. ”Dat gaat helaas niet, maar ik zal u wel verplichten om contact te houden met de reclassering”, sprak hij.

Hannah was opgelucht en kreeg na afloop nog een steunbetuiging uit onverwachte hoek. Een van de studenten uit de zittingszaal overhandigde haar een briefje: “Dapper dat je bent gekomen. Je geloof in de Heer en Jezus is zichtbaar oprecht. Ik bid voor je”. Hannah’s ogen twinkelden bij het lezen ervan. Ik bood haar een kop koffie aan die ze blij accepteerde. Plotseling stond ze weer vol zelfvertrouwen in het leven.

Waar een zitting toch niet goed voor kan zijn.