Strafrechtadvocaat Groningen

Statistieken, moord en doodslag

Vorige week kwam het bericht mij ter ore dat een vroegere cliŽnt van mij was overleden. Dergelijke berichten krijg ik als advocaat helaas wel eens vaker, maar deze keer vroeg ik mij toch iets af. Het zit namelijk zo: het was het tweede overlijdensbericht van een cliŽnt binnen 14 dagen en beiden komen voor in mijn columns die ik heb geschreven over mijn werk als strafrechtadvocaat. Ik heb het nog even nageteld, en er komen in totaal 16 verschillende meerderjarige personen in voor. De schrik sloeg mij om het hart. Hoe groot is de kans dat juist 2 van die 16 personen binnen een tijdsbestek van 14 dagen komen te overlijden? Welk risico lopen mijn cliŽnten eigenlijk als ik over hen schrijf?

Nu ben ik geen statisticus, maar met behulp van de cijfers van het CBS heb ik toch enige globale berekeningen gemaakt. In 2009 overleden 24.092 personen tussen de 20 en 65 jaar. De omvang van de bevolking in die leeftijdsgroep was 10.080.387. Als ik het juist heb, is de kans dat twee personen uit mijn groep van zestien binnen een periode van 14 dagen overlijden dan in de orde van 1 op 500.000. Ter vergelijking: de kans dat u - als willekeurige inwoner van Nederland - dit jaar door moord of doodslag om het leven komt in uw eigen woning is 2 maal groter met 1 op 240.000. De kans dat u dit jaar door een verkeersongeval om het leven komt is zelfs 20 maal groter met 1 op 24.000. Dat moet een hele opluchting zijn voor Fernando, want over hem gaat dit verhaal.

Fernando is een grote dikke vriendelijke Antilliaan die mij altijd vol enthousiasme begroet. Ik ken hem al langer, maar deze keer keek hij niet zo vrolijk toen hij mij een dagvaarding voor poging moord althans doodslag overhandigde. Het werd ervan verdacht een andere man met een mes te hebben gestoken tijdens een Antilliaans feest. Hij maakte mij echter meteen duidelijk dat het zo niet was gegaan. Hij was juist zelf het slachtoffer van die steekpartij en ten bewijze daarvan trok hij prompt zijn T-shirt omhoog. Een groot litteken ontsierde zijn reusachtige buik. Uit het dossier bleek dat niet alleen Fernando een steekwond had opgelopen. Ook het vermeende slachtoffer had letsel. Getuigenverklaringen gaven niet veel duidelijkheid. Sommigen wezen naar mijn cliŽnt als de dader, anderen bedeelden hem een duidelijke rol als slachtoffer. Kortom een strafzaak waarin ik mij als advocaat prima kon uitleven op een pleidooi gericht op vrijspraak.

Tijdens de zitting toonde Fernando zich oprecht verontwaardigd over het feit dat hij moest voorkomen. Hij was immers degene die enige tijd in het ziekenhuis had gelegen. Ook nu toonde hij weer demonstratief het litteken op zijn buik. De officier van justitie leek niet erg onder de indruk en produceerde ter zitting bij zijn requisitoir een eerder vonnis waaruit bleek dat het vermeende slachtoffer een jaar eerder als verdachte door diezelfde rechtbank in diezelfde zaak was vrijgesproken van poging tot moord. Toen ik het vonnis las viel mijn mond van verbazing bijna open. De advocaat in die zaak bleek een kantoorgenoot te zijn. Ondanks alle voorzorgen die wij als advocaat altijd nemen om tegenstrijdige belangen te voorkomen stond ik plotseling in een onmogelijke spagaat midden in de zittingszaal.

Binnen luttele seconden maakte ik de afweging dat ik daar ter plaatse toch niet de verdediging van Fernando kon neerleggen en begon aan mijn pleidooi. Naar later bleek met succes. Fernando werd vrijgesproken. Toen ik hem twee weken later belde om het goede nieuws mee te delen, klonk aan de andere kant van de lijn een luid gejuich. Vervolgens ging de telefoon blijkbaar van hand tot hand. Na Fernando kreeg ik achtereenvolgens moeder, oma, tante en nicht aan de lijn. Allen zeiden: "God zegent u."

Ik weet niet hoe groot de kans is dat ik ooit weer in een dergelijke situatie terecht kom. Ik weet wel dat je aan zoín telefoongesprek meer hebt dan aan statistieken!